Steeds meer steden en gemeenten bereiden zich voor om wateroverlast tegen te gaan. Hiertoe zijn ze verplicht, gezien de nieuwe Waterwet. En hiertoe worden ze gedwongen, gezien het veranderende klimaat. De gemiddelde temperatuur warmt op, de zeespiegel stijgt en het klimaat verandert met onder andere hevige neerslag als gevolg. Extreem veel regenwater dus. Wat betekent dit voor installateurs?

In de oude Waterwet was regenwater de verantwoordelijkheid van de gemeenten. Afvoer van regenwater viel onder de gemeentelijke zorgplicht voor huishoudelijk afvalwater. Dus als de gemeente wateroverlast wilde tegengaan, moest ze zorgen voor een goede en veilige afvoer. Dit werd veelal aangepakt op wijkniveau, gericht op een aanpak van de problemen aan het einde van de buis, en uitgedacht door gemeenten, stedenbouwkundigen en ingenieursbureaus.

Hemelwaterverordening

In de nieuwe Waterwet is de gemeente nog steeds de verantwoordelijke met een zorgplicht voor huishoudelijk afvalwater. Maar regenwater valt niet meer onder de noemer huishoudelijk afvalwater. Regenwater valt nu onder de hemelwaterverordening. Via deze verordening kan de gemeente regels stellen aan particulieren en perceeleigenaren. Er kan worden voorgeschreven dat hemelwater op het eigen perceel verwerkt moet worden en niet meer door de gemeente aan het einde van de buis. Concreet betekent dit dat perceeleigenaren zelf maatregelen moeten nemen om regenwateroverlast tegen te gaan. Ze moeten de regenpijp afkoppelen van de riolering. Dus de extreme neerslag zal aan het begin van de regenpijp opgelost moeten worden en niet meer aan het einde van de buis. Dit betekent ook dat het niet meer het werk is voor stedenbouwkundigen en ingenieursbureaus maar voor de gesprekspartner van de perceeleigenaar, ofwel de kundige en goed belezen installateur.