DUBOBegin juni verzorgde Coolmark, groothandel op het gebied van koudetechniek, klimaattechniek en watersystemen, een Klimaat Event over de rol van natuurlijke koudemiddelen in de klimaatmarkt. Er lijkt een zonnige toekomst weggelegd voor natuurlijke koudemiddelen, met name door het zeer geringe broeikaseffect.

Het Klimaat Event werd georganiseerd naar aanleiding van de VSK beurs en Building Holland. Coolmark zegt op deze beurzen veel belangstelling te hebben ondervonden voor duurzame innovaties op gebied van natuurlijke koudemiddelen. Het Event vond plaats in het Innovatie Centrum Duurzaam Bouwen in Rotterdam.

GWP-factor

Met uitzondering van ammoniak zijn koudemiddelen in gasvorm ‘broeikasgassen’. Een broeikasgas kan in belangrijke mate bijdragen aan de opwarming van de aarde. Het aardopwarmingsvermogen van een broeikasgas wordt uitgedrukt in GWP, wat staat voor ‘global warming potential’. De GWP is een relatieve waarde die aangeeft hoeveel keer groter de invloed (het broeikaseffect) is ten opzichte van CO2, dat als referentiekader dient en een GWP van 1 heeft meegekregen.
De opwarmingsfactor van populaire synthetische koudemiddelen is indrukwekkend, zegt Technisch Adviseur Koudetechniek Arnout Filé. “R410A, bijvoorbeeld, heeft een GWP van 2088. Het broeikaseffect van R410A is dus ruim tweeduizend keer zo groot als dat van CO2. R134A heeft een GWP van 1430. Ter vergelijking: propaan, dat we kennen onder de handelsnaam R290, heeft een GWP van 3.” De wereldwijde HFK-consumptie in 2010 kwam overeen met 1.100 miljoen ton CO2-equivalent per jaar. Niets doen is dan ook geen optie, meent Filé: “Je moet je realiseren dat al die koudemiddelen die we in installaties stoppen, daar niet eeuwig in blijven zitten. Volgens voorzichtige schattingen bevindt de helft van alle ooit wereldwijd geproduceerde koudemiddelen zich nu in de atmosfeer.”

Toekomstbestendig

De Europese wetgeving wil de productie en het gebruik van synthetische koudemiddelen aan banden leggen. Vanaf dit jaar wordt de productie stapsgewijze teruggebracht van 100 procent nu naar 21 procent in 2030. Wat het gebruik betreft, zijn er al beperkingen voor koel- en vrieskasten met HFK’s. Later gaan er strengere regels gelden voor het gebruik van synthetische koudemiddelen in koel/vriesinstallaties, commerciële installaties en single split airconditioningsystemen. Daarnaast komen er strengere regels voor bijvullen en lekcontroles.
“Waarom zou je kiezen voor een natuurlijk koudemiddel?”, oppert Filé, met een blik op de zaal. “Misschien onder invloed van maatschappelijke ontwikkelingen, de publieke opinie. Of je wilt je onderscheiden van de concurrentie. Je kunt het ook als een morele verplichting zien. De wettelijke verplichting is intussen het belangrijkst geworden. Die dwingt ons een bepaalde richting op. Een van de belangrijkste redenen vind ik zelf: zekerheid. Denk maar eens aan uitfaseren. Natuurlijke koudemiddelen zijn toekomstbestendig.”