DROOMWONING

Vier jaar geleden bedacht hij een blauwdruk voor de ideale woning. Architect Geert van der Aa heeft zijn totaalconcept waarin uitgebreid aandacht wordt besteed aan architectonische, bouwkundige en installatietechnische facetten nog niet kunnen realiseren. Maar het vormt wel een ideale “onderlegger” voor gesprekken met klanten en bouwpartners. Dus ook met installateurs.

De vorige keer dat we Van der Aa spraken was Architectuurstudio Breda nog gevestigd op de begane grond van zijn eigen woning. Met beperkte middelen en op een inventieve, duurzame wijze had hij een passende inrichting gerealiseerd. Destijds was het nog dringen op de markt, door de nasleep van de crisis. Hoe anders staan de zaken er nu voor. Sinds de economie is aangetrokken, wordt de jonge architect overstelpt met aanvragen. Van der Aa werkt bovendien niet meer thuis. Hij houdt nu kantoor in een hip bedrijfsverzamelgebouw aan de rand van het centrum.

‘Droomwoning’

Tijdens de crisis had Van der Aa online onderzoek verricht naar de ideale woning. Met behulp van een enquête, die door honderden mensen was ingevuld, ontwikkelde hij in 2014 de blauwdruk van de ‘droomwoning’. Van der Aa had in zijn vragenlijst ook installatietechnische eigenschappen opgenomen, zoals energieneutraliteit, high tech voorzieningen (domotica) en speciale sanitaire oplossingen.

Top 5

In de top 5 stonden: 1. Veel daglicht; 2. Energieneutraal/duurzaam; 3. Aantrekkelijke materialen/details, 4. Integratie met de tuin en 5. Ruimtes afgestemd op het gebruik/de menselijke maat. Met punt 5 werd gedoeld op een goede analyse van het gebruik, zodat bijvoorbeeld woningen levensloopbestendig gemaakt kunnen worden, door al in het ontwerp of tijdens renovatie rekening te houden met een andere bezetting en functieverdeling in de toekomst.

Halfbakken oplossingen

Energiebesparing en verduurzaming gooiden destijds dus hoge ogen. Maar zei Van der Aa al toen: “Als ik kijk ik naar mijn eigen ervaringen, dan valt het me wel op, hoe snel die duurzame ambities in de ijskast verdwijnen, als bewoners horen hoeveel het gaat kosten. Vaak stellen ze zich dan maar tevreden met halfbakken oplossingen, als ze zo voldoen aan de wettelijke regels.” Domotica kwam niet voor in de top 5. Volgens Van der Aa, omdat de goegemeente er nog onbekend mee was en het ontbrak aan goede ambassadeurs.

Totaalconcepten

Anno 2018 heeft Van der Aa nog niet de resultaten kunnen vatten in één totaalconcept. Hij gebruikt de blauwdruk wel in gesprekken met bouwpartners en klanten. “Het leidt tot een scherpere formulering van de uitvraag”. Ondertussen heeft de markt ook niet stilgezeten. Het denken in totaalconcepten, zoals NOM-woningen, raakt steeds meer ingeburgerd, wat nauw aansluit op de filosofie van Van der Aa. “Iedere bouwopgave is natuurlijk maatwerk, maar er zijn terugkerende elementen. Als je je daar meer bewust van bent, bespaar je op de tijd die besteed wordt aan het ontwerp en de uitvoering en druk je de faalkosten.”

Op gespannen voet staan

Daglichttoetreding en energiezuinigheid/duurzaamheid staan nog altijd bovenaan, is de indruk van Van der Aa. Die twee kunnen wel eens met elkaar botsen en ook met de wens om een comfortabele woning te hebben, vertelt van Van der Aa. “Veel glas en een hoge isolatiewaarde leiden al snel tot ongewenste opwarming, die je dan vervolgens weer moet wegkoelen. Volstrekt niet energiezuinig natuurlijk”, geeft hij als voorbeeld. Hij vervolgt: “Daarnaast beschikken installateurs niet altijd over voldoende kennis om duurzame installatieconcepten te begrijpen. Zo was ik betrokken bij een renovatieproject waarbij de bewoner overstapte van een cv-ketel op een bivalent systeem. Er werd een ventilatiewarmtepomp bij geplaatst. Door een verkeerde inregeling liep de energierekening uit de klauwen. De installateur wees naar de fabrikant, maar probeerde daarmee in feite te verhullen dat hij zelf het concept niet helemaal had doorgrond.” Ook het ventilatiesysteem is vaak het kind van de rekening bij renovatieprojecten heeft Van der Aa gemerkt. “Als er niet kierdicht wordt gebouwd, krijgt de bewoner tochtklachten. Soms worden roosters vergeten of ze zijn ongelukkig gepositioneerd, waardoor de bewoner ze gaat afplakken. Enfin, noem het maar op.”

Laaghangend fruit

Hoewel duurzame ambities door particuliere woningbezitters en -corporaties worden omarmd, blijft geld de bottleneck. Zeker als het om renovatieprojecten gaat, vertelt Van der Aa. Hij constateert dat een “energiesprong” vaak beperkt blijft tot een twee stappen opzet. Woningcorporaties hikken bij een grondige energetische renovatie al snel tegen een kostenpost aan van 30.000-40.000 euro per woning. Komt nog bij dat de werkzaamheden voor rommel zorgen, waardoor al snel extra geld moet worden gereserveerd voor tijdelijke uitwoning. Corporaties en particulieren hebben daar weinig trek in en dus beperken ze zich liever tot het plukken van laaghangend fruit; eenvoudige ingrepen die niet al te zwaar op de financiën drukken. Zo kunnen ze ook meer kleine wijzigingen doorvoeren met de beschikbare middelen, inclusief de subsidiepot.

Stap verder

Van der Aa: “Ik merk dat de meeste mensen en corporaties al snel hun geld steken in isolatiemaatregelen. De Hr-ketel blijft, de radiatoren ook. Gaan de corporaties en particuliere huizenbezitters een stap verder, dan komt al snel de combi van warmtepomp met ltv-systeem in zicht.” Bij voorkeur een vloerverwarming. De fysieke beleving geeft de doorslag, want “klanten vinden het fijn om de warmte aan hun voeten te voelen”. Is de wil aanwezig om over te schakelen op een warmtepomp, dan is het maar de vraag of de buitenunit wel kan worden weggewerkt. “Je zit niet alleen met het ruimtebeslag, maar moet ook rekening houden met het geluidsniveau. Is dat toelaatbaar?” Pv-panelen vinden sowieso gretig aftrek, heeft Van der Aa gemerkt. “Alleen blijft de esthetische integratie nog een puntje van aandacht.”

Domotica

Mocht Van der Aa nu dezelfde poll houden, dan verwacht hij dat domotica het evenals in 2014 niet tot de top drie zou schoppen. “Ik zie weinig domotica-toepassingen. Er is wel interesse, bijvoorbeeld in Google-home achtige systemen of slimme thermostaten, maar in de praktijk zijn het eerder bedrijven die zulke oplossingen aanschaffen. Meestal vanuit financiële overwegingen; ze willen de gebruiksgegevens monitoren om daarmee uiteindelijk op de energiekosten te gaan besparen.”

Integraal denken

De komende jaren zal verduurzaming een hot item blijven. Extra prikkels van buitenaf zouden het proces kunnen versnellen, denkt Van der Aa. “Bijvoorbeeld als hypotheekverstrekkers gunstige voorwaarden koppelen aan duurzaamheidsmaatregelen of de wettelijke kaders zodanig worden aangepast dat mensen sneller een labelsprong moeten maken.” Anderzijds ligt er ook een opgave voor de installateur. “Er wordt veel vanuit de eigen techniek gedacht, het gaat vaak mis bij het aan elkaar koppelen van de verschillende systemen. Kennis van systeemintegratie is dus minstens zo belangrijk.” 

Klachtenvrij wonen

Zijn droomwoningconcept heeft als basis voor de formulering van de uitvraag en als blauwdruk in werkbesprekingen met bouwkundige aannemers en installateurs wel zijn waarde bewezen. Het concept is nu toe aan een update, vindt architect Geert van der Aa. “Op termijn, zeg binnen een jaar of 3, zou ik een nieuwe formule willen aanbieden: ‘klachtenvrij wonen’. Hierbij is een gedegen samenwerking tussen architect, bouwfysisch adviseur, aannemer en installateur de eerste stap. Dat zou moeten resulteren in een woning waarvan de bewoner met zekerheid weet dat bij oplevering de installatietechnische systemen naar behoren werken.”