‘Nat gaan’

Verwarmingstoestellen, radiatoren en bijbehorende appendages vormden in het recente verleden de hoofdmoot van een uitgave over verwarming. Die tijden zijn voorbij. We stevenen af op een samenleving zonder gasaansluiting, waardoor de focus in de branche steeds meer op alternatieve verwarmingsoplossingen komt te liggen. Niet dat er vanaf morgen geen cv-ketel meer verkocht zal worden, maar innovaties zullen toch vooral uit de andere hoeken van het vakgebied naar voren (moeten) komen.


Al eerder merkten we op dat dit voor veel installateurs best ingrijpend kan zijn. Welke installatietechnische oplossingen en technieken worden straks gemeengoed? Hoe kan ik mij die oplossingen en technieken nu al eigen maken? Welke investeringen moet ik hiervoor nu al doen en hoe verdien ik die terug? Het zijn zo maar wat vragen die duidelijk maken dat het voor de installatiebranche enerverende tijden gaan worden, waarin een steeds grotere rol zal zijn weggelegd voor kennisvergaring.
Strengere energienormen zorgen er bijvoorbeeld voor dat woningen beter geïsoleerd worden, wat de toepassing van lage-temperatuuroplossingen weer aantrekkelijker maakt. Naast kennis van installatietechniek vereist het in toenemende mate bouwkundig inzicht om een goed verwarmingssysteem aan te kunnen leggen. Het totaalplaatje wordt steeds belangrijker.
ISSO speelt op dit soort zaken al in door handzame publicaties uit te brengen, zoals het ‘Kleintje Warmteverlies voor woningen’. “We willen hiermee voorkomen dat de monteur ‘nat gaat’ als hij op een wat globalere wijze het warmteverlies van een woning gaat bepalen”, aldus het kennisinstituut in deze uitgave. En nat gaan is natuurlijk geen optie voor de installateur, toch?