VAN DUURZAAM NAAR REALITEIT

De verduurzaming van de bouwkolom leidt niet tot minder problemen met installaties, zegt Sjang den Ouden. De bouwpatholoog onderzoekt al 20 jaar onder meer de kwaliteit van technische gebouwgebonden oplossingen. Vaak in geschilsituaties.

Sjang den Ouden is in het dagelijks leven werkzaam bij het Bureau voor Bouwpathologie. Bouwpathologen onderzoeken klachten en gebreken in en aan gebouwen, zoals lekkages, schimmeloverlast, scheurvorming, tochtklachten, insectenoverlast, degeneratie van materialen en dergelijke. Het onderzoeksterrein omvat naast bestaande bouw, nieuwbouw, ontwerp, oplevering, garantieklachten en eventuele verborgen gebreken ook vaak sloop en aanhoudende onderhoudsgebreken. Bijna altijd betreft het een geschil tussen een aantal partijen. En regelmatig heeft het conflict direct of indirect te maken met de installatietechniek in het pand.

Hardnekkig

De verduurzaming van de bouw leidt helaas niet tot een afname van het aantal problemen, constateert Den Ouden. Ja, de luchtdichtheid en isolatie van woningen en utiliteitsgebouwen zijn aanmerkelijk verbeterd, maar sommige problemen zijn hardnekkig en er komen ook nieuwe bij.

Gewenning

“Zo hebben bewoners vaak moeite om te wennen aan de nieuwe situatie. Een warmtepomp reageert traag, in tegenstelling tot een cv-ketel. En de comfortbeleving bij een lt-verwarming is, evenals de bediening, heel anders.” Bij een slecht installatieconcept lopen bewoners bovendien het risico met een torenhoge energierekening te worden opgezadeld. “Bijvoorbeeld als de installateur geen convectoren langs hoge glazen puien heeft aangebracht en de bewoners met hun lt-installatie tegen de koudeval moeten opboksen. Of als het afgifte- en regelsysteem en de warmtepomp van verschillende merken zijn en gebrekkig met elkaar samenwerken.”

Wollig taalgebruik

Maar ook taalgebruik blijkt wonderlijk genoeg debet te zijn aan menig probleem. “Termen als groen, duurzaam en energiezuinig, zijn wollig, onduidelijk”, zegt Den Ouden. “Ze creëren een verwachtingspatroon dat niet altijd matcht met de realiteit.” Hij geeft een voorbeeld. “Kijk naar de markt voor warmtepompen. Hoe vaak worden ze niet onder de noemer ‘duurzame techniek’ aan de man gebracht. En dan doet de adviseur of installateur er nog een schepje bovenop door te praten over gunstige terugverdientijden. In de praktijk kunnen de kosten echter behoorlijk oplopen. Zeker als er fouten worden gemaakt in het ontwerp, bij de installatie, de afstemming tussen verschillende systemen en het onderhoud.”

Verkeerd installatieconcept

Hoe dan ook, warmtepompen slaan aan. “Als het over duurzame verwarming gaat, is het mogelijk wel de meest toegepaste oplossing”, merkt Den Ouden op. Helaas zijn niet alle installateurs vertrouwd met de bouwkundige randvoorwaarden waaraan moet worden voldaan en het installeren en inregelen van warmtepompen. “Zo schatten ze nogal eens de luchtdichtheid van een pand verkeerd in bij een renovatie, waardoor de warmtepomp een energievreter wordt.” En glazen gevels of vides zijn ook tricky. Niet alleen omdat je als installateur waarschijnlijk convectoren moet plaatsen om comfortklachten tegen te gaan, maar ook vanwege de dimensionering. “Ik maak regelmatig mee dat er voor convectoren met een te kleine capaciteit is gekozen.” Ook de overstap op hybride warmtepompen verloopt niet altijd gladjes. “In menig geval verdoezelt de cv-ketel het elektriciteitsgebruik van de warmtepomp en blijkt die duurzame oplossing helemaal niet zo energiezuinig te zijn.”

Ventilatie

In de loop der jaren hebben al veel deskundigen hun zegje mogen doen over de voor- en nadelen van systeem C en D, maar nog nooit een fulltime troubleshooter als Den Ouden. “Het aantal klachten over systeem D, gebalanceerde ventilatie, lijkt af te nemen. Waar ik wel regelmatig mee te maken krijg, zijn slecht functionerende wtw’s of lucht die zodanig koud wordt ingeblazen, dat daardoor comfortklachten ontstaan.” Maar waar systeem D wel eens tekort schiet, is systeem C een groter zorgenkindje. Logisch, volgens Den Ouden, “want in de koude maanden voer je koude lucht binnen via de roosters en dat veroorzaakt comfortklachten”. Tegelijkertijd is dit probleem ook weer eenvoudig te verhelpen: “zet er een convector onder”. Helaas sneuvelt deze extra maatregel vaak uit onkunde, financiële of esthetische overwegingen. “Maar eigenlijk zou je dan je poot stijf moeten houden als installateur. Anders kan je later weer langskomen om comfortproblemen te verhelpen.”

Sanitair

Waterbesparing en behoefte aan luxe staan geregeld met elkaar op gespannen voet. “Aan de ene kant werkt de sector met steeds kleinere diameters voor de riolering en waterleiding. Aan de andere kant willen veel mensen wel een rainshower. Het gevolg: bij een fikse douchebeurt valt elders de druk weg of komt er te weinig ‘rain’ uit de ‘shower’.” Een ander veelvoorkomende klacht heeft te maken met ingestorte rioleringsleidingen met een kleine diameter die niet of onvoldoende op afschot liggen. “Vroeg of laat gaan veel betonnen vloeren doorbuigen, waardoor het afschot verdwijnt of de leidingen zelfs op tegenschot komen te liggen in de vloer en het afvalwater niet kan worden afgevoerd.”

Slimme installaties

De groeiende populariteit van slimme installatietechniek leidt ook tot een toename van het aantal problemen, vertelt Den Ouden. Vaak heeft het te maken met een slechte aansluiting tussen verschillende systemen.” Niet alle fabrikanten willen aan Open Source systemen en als ze hun oplossingen als zodanig in de markt zetten, blijken er in de praktijk nog dikwijls allerlei ‘mitsen en maren’ te zijn. “Ik mis een integrale benadering van Smart Building opgaven, dat gaat ten koste van de effectiviteit van de oplossingen.
Daarnaast vind ik het wat teleurstellend, dat er vanalles kan worden gemonitord, wat een schat aan data oplevert, maar er vervolgens vaak geen bal wordt gedaan met al die gegevens. En dat, terwijl je de beschikbare informatie uitstekend kan gebruiken om installaties te optimaliseren.”

Tijdgebrek

“Installateurs willen meters maken, ze kampen voortdurend met tijdgebrek. Tegelijkertijd staan ze ook onder druk, omdat opdrachtgevers zo goedkoop mogelijk uit willen zijn. In dergelijke situaties moet je via kwaliteitsborging een vinger aan de pols houden. Er is op dit moment slechts beperkt toezicht op de installaties, zeker gezien het toegenomen belang van installaties. Zoals de Wet Kwaliteitsborging op dit moment lijkt te worden ingericht, verandert er op dat punt in de bouwkolom niet veel. De grootste verandering die ik verwacht, is dat het uiteindelijk zal resulteren in hogere kosten voor de opdrachtgever. Een kwaliteitsborger is namelijk een ondernemer die betaald moet worden, door de opdrachtgever.”

Toekomst

Over 5 jaar zal er weinig zijn veranderd in de branche, verwacht Den Ouden. “Wel zal men een beter beeld hebben van het daadwerkelijke duurzaamheidsgehalte van nieuwe technieken in de bouwkolom. De duurzaamheidshype zal naar ik verwacht worden ontmaskerd.”

Installateurs

“Over het algemeen kan ik goed met installateurs door één deur. Ik steek veel van ze op. Als ik een kwestie aankaart die te maken heeft met hun vakgebied, denken ze graag mee over een oplossing. Raakt het ook een andere discipline, dan hebben ze wel de neiging je snel door te verwijzen naar een ander. Maar ach, waar is dat niet het geval in een geschilsituatie?”