Duurzame renovatie

‘groen’ met zo min mogelijk inspanningen en kosten

Meer comfort en minder energiegebruik. Het lijkt misschien tegenstrijdig maar dit is precies wat de missie is die de HVAC-industrie de komende jaren moet volgen. Iedere dag worden renovatieprojecten opgeleverd die een beter comfort en een gezondere binnenlucht bieden, terwijl tegelijkertijd een aanzienlijke thermische en energiebesparing wordt gerealiseerd. 

Het is bekend dat regeltechniek hier een sleutelrol speelt en ‘grijze’ HVAC-installaties snel tot ‘groene’ klimaatsystemen getransformeerd kunnen worden. Zónder ingrijpende aanpassingen en/of hoge kosten, waardoor verduurzaming voor elk gebouw binnen handbereik ligt . Het is dus belangrijk dat je weet welke bijdrage veldapparatuur levert en wat de energiebalans is over de gehele levenscyclus. Factoren zoals de ‘grijze’ energie, stand-by energie en betere efficiëntie in de individuele toepassing moeten ook in aanmerking worden genomen.
Alleen wat wordt gemeten kan worden geanalyseerd en geoptimaliseerd. De ‘slimme’ gebouwen van morgen worden gekenmerkt door een hoog niveau van energie efficiëntie en optimaal comfort in de ruimtes. Daarom moet een gebouw kunnen ‘communiceren’ met de gebruiker, de onderhoudsspecialist en de energieleverancier.

Maatregelen
Om de Europese landen te helpen ervoor te zorgen dat gebouwen geen energie verspillen hebben het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie een reeks normen opgesteld - de Energy Performance of Buildings Directive 2018/844/EU (EPBD) - die een overzicht geeft van de maatregelen die nodig zijn voor de vermindering van het energiegebruik en uiterlijk in 2025 in de nationale wetgeving moeten zijn opgenomen. De EPBD bepaalt onder meer dat niet-residentiele gebouwen met een nominaal vermogen voor een verwarmingssysteem of een gecombineerd ruimte verwarmings/klimaatregelings- en ventilatiesysteem van meer dan 290 kW tegen 2025 uitgerust moeten zijn met gebouwautomatisering. De EPBD-BACS nalevingschecklist kan worden geraadpleegd om na te gaan of de installatie voor gebouwautomatisering voldoet aan de respectievelijke eisen.
De EPBD stelt de Smart Readiness Indicator (SRI) voor de beoordeling van gebouwen. Deze indicator is ontwikkeld door de Europese Commissie en evalueert niet alleen onderhoud en energie, maar ook de levenskwaliteit van de bewoners van het gebouw. Gebouwautomatisering met slimme veldapparatuur die in een HVAC-systeem in een netwerk kan worden opgenomen, vormen hier de basis.

Handhaving
Vanaf 1 januari 2023 handhaven gemeenten en omgevingsdiensten op deze verplichting. Dit doet de gemeente of de omgevingsdienst waar uw kantoorgebouw is gevestigd. Het doel van de handhaving is dat gebouwen zo snel mogelijk voldoen aan de labelplicht.
Een energielabel geeft aan hoe energiezuinig een gebouw is. Dit doet het aan de hand van een schaal van G (slechtste) tot en met A++++ (beste). Het label wordt bepaald op basis van het primair fossiel energiegebruik, uitgedrukt in kilowattuur (kWh) per m2 per jaar. Naast de energiezuinigheid, geeft het energielabel ook aan welke energiebesparende maatregelen er nog mogelijk zijn in het gebouw. Label C heeft een primair fossiel energiegebruik van 200,01 tot en met 225,00 kWh per m2 op jaarbasis. Een energielabel is 10 jaar geldig.

Renovatiegolf
Gebouwen zijn verantwoordelijk voor 38% van alle CO2-emissies over de hele wereld, waarbij 28% van het gas wordt uitgestoten tijdens het gebruik ervan, en 10% bij hun bouw en renovatie. De klimaatverandering, de milieuvervuiling, de verminderde toegang tot natuurlijke bronnen en ons eigen gedrag hebben geleid tot de uitdagingen waarmee we vandaag worden geconfronteerd. De Europese Unie heeft deze factoren aangepakt door de European Green Deal te lanceren in 2019. De doelstelling ervan is de transitie te realiseren naar een moderne, grondstofzuinige en competitieve economie, waarin de bouwsector een belangrijke rol te spelen heeft. Belangrijk onderdeel van de Green Deal is de ‘renovatiegolf’.
Doel is om voor 2030 zo’n 35 miljoen (!) inefficiënte gebouwen te verduurzamen in de EU en – als gevolg daarvan – de CO2-uitstoot met ten minste 55% te verminderen, het energiegebruik te reduceren én de basis te leggen voor een klimaatneutraal Europa in 2050.

Nederland
Verduurzaming van bestaande gebouwen staat ook in Nederland hoog op de agenda van de landelijke politiek. Onder andere de overheid neemt tal van initiatieven om gebouweigenaren te stimuleren om met hun vastgoed aan de slag te gaan. Denk bijvoorbeeld aan de EPC aanscherping, het verplicht stellen van minimaal energielabel C voor kantoren (> 100 m2 ) per januari 2023 voor alle utiliteitsgebouwen. Dit is een hele uitdaging wetende dat 52% van alle gebouwen in Nederland hieraan niet voldoet, voor rijkskantoren betreft dat maar liefst 55%! Vanaf 2030 ligt de eis zelfs op minimaal label A, wat betekent dat als je nu dus gaat bouwen het kantoor al bijna energie neutraal moet zijn.
Of wat te denken van de verplichte Energie-audit (EED) voor bedrijven met meer dan 250 fte en het verplichte energieregistratie en bewakingssysteem (EBS) t/m aantrekkelijke subsidies zoals de Energie Investering Aftrek (EIA) de Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+) en de Investeringssubsidie Duurzame Energie (ISDE).

Oplossingen
Populaire maatregelen om het energiegebruik terug te dringen, zijn de isolatie van gevels, daken en vloeren en de installatie van warmtepompen en zonnepanelen. Oplossingen voor verlaging van het fossiel energiegebruik zijn het overstappen op hernieuwbare energie afkomstig uit zon, biomassa, buitenlucht en bodem. Ook betere isolatie en het dichten van kieren wordt vaak gelijk aangegeven als primaire oplossing. Maar ook de ‘retrofit’ van regelkogelkranen en aandrijvingen in HVAC-installaties kan flinke besparingen opleveren. Hierbij speelt het correct inregelen, gebruiken en onderhouden van installaties een cruciale rol. Helaas wordt dit vaak vergeten terwijl het minstens zo belangrijk is.
Het doel is dan ook om ook hiervoor de bewustwording bij gebouweigenaren en facility managers te vergroten. In veel bestaande gebouwen zijn de HVAC-installaties verouderd. De oudere installaties zijn vaak anders ontworpen dan de moderne van tegenwoordig en we zien regelmatig dat kleppen niet meer (goed) sluiten. Hierdoor vindt continu stroming van lucht en water plaats. Ook wanneer dit niet gewenst is, waardoor comfort- en geluidsklachten ontstaan en onnodig energie wordt verspild.

Data verzamelen en analyseren
Door actief data te verzamelen en te analyseren, kan er exact gezien worden waar er geoptimaliseerd moet worden en is het niet nodig de gehele oude installatie te vervangen. Om bij te dragen aan de energie-efficiëntie in gebouwen en het verminderen van de CO2 uitstoot is het van wezenlijk belang dat er innovatieve HVAC-veldcomponenten van hoge kwaliteit geproduceerd en verkocht worden. Bovendien zullen we het bewustzijn moeten vergroten van het CO2-reductiepotentieel. Dat is haalbaar door de inzet van geavanceerde gebouwtechnologie.

Aandachtsgebieden
Een aandachtsgebied voor toekomstige projecten is bijvoorbeeld de energieopwekking, door het vervangen van inefficiënte koelmachines of boilers door warmtepompen. Ook energiedistributie is van groot belang. Hierbij kun je denken aan de verhoging van de energie-efficiëntie door optimalisering van gebouwautomatiseringssystemen of door de installatie van innovatieve veldcomponenten. En de laatste belangrijke factor zijn de ventilatiesystemen, zoals de installatie van ventilatiesystemen met warmteterugwinning om energieverspilling door open ramen te voorkomen.
Kortom, laten we met de overheid en de installatiebranche de handen in een slaan en samen het verschil maken.

Auteur: Richard Daamen, directeur Belimo