GEEN DISCUSSIES BIJ INSTALLATIE van GEBOUWRIOLERING

De wc van de buren kunnen horen doorspoelen, een rioolstelsel dat overstroomt tijdens een extreme regenbui, lastige discussies met de opdrachtgever over de lay-out van de installatie... Het zijn allemaal problemen waarmee installateurs van rioleringen vaak te maken hebben. Een heldere richtlijn biedt dan uitkomst.

Babylonische spraakverwarringen zijn geen uitzondering in de wereld van afvalwatertechniek. Die onduidelijke zin of tabel over het ontwerpen van een installatie; de ene installateur interpreteert die zo, de andere zus en de opdrachtgever wéér anders. Erg lastig om zo gebouw- en buitenrioleringen storingsvrij aan te leggen.
Neem bijvoorbeeld het combineren van ontspanningsleidingen. De verticale standleidingen moeten in theorie allemaal een eigen dakdoorvoer krijgen, maar dat is vaak ongewenst en kostbaar. Meestal kiest de vakman er dan voor om ze onder het dak te verzamelen via een horizontale leiding, met gezamenlijk één dakdoorvoer. Maar mag je daar nu maximaal 10 standleidingen combineren, of mogen het er in sommige gevallen ook meer zijn?

Veel ruimte voor discussie

Ander voorbeeld: stortleidingen komen vaak in een voorgespannen vloer, maar je moet er als installateur nog wel voor kunnen zorgen dat er een afschot wordt gerealiseerd. Soms lukt dat niet en komt hij op tegenschot te liggen. En dan hebben we het nog niet eens over problemen als verstopte riolering, geborrel van stankafsluiters, geluidsoverlast van het toilet van buren, en stank. Allemaal problemen waarmee installateurs, en opdrachtgevers, vaak te maken hebben, maar waar níet altijd een eenduidige, onomstotelijke norm of richtlijn voor bestaat. Logisch dat er dan veel ruimte is voor discussie, en zelfs voor fouten bij het ontwerpen, onderhouden en beheren van gebouwriolering- en buitenriolering binnen de perceelgrens.

Vertaalslag naar de praktijk

“De oude NTR 3216 gaf soms net niet genoeg antwoord om op de juiste manier te ontwerpen”, zegt Rob Snoek van De Kraan Installatietechniek. “Neem bijvoorbeeld de kwestie ontspanningsleidingen: mensen die ze moeten aanbrengen gaan uit van één zin of één tabel die in de NTR gepubliceerd stond. Maar als die zin of tabel niet helemaal duidelijk is, kunnen er problemen ontstaan.”
Rob Snoek was, namens Techniek Nederland, samen met enkele andere installateurs betrokken bij de verschijning van de het aanvullingsblad op NEN 3215, de herziene NTR 3216 en het nieuwe Kleintje Riolering. Techniek Nederland, voorheen Uneto-VNI, vroeg Snoek om als installateur mee te denken om praktijkkennis in te brengen. “Wij waren er voor de vertaalslag naar de praktijk. Want theorie en praktijk staan soms ver uit elkaar.”

Praktisch aflezen in tabellen

Snoek: “Je kunt niet van iedereen op de werkvloer verwachten dat ze de berekeningen voor een installatie kunnen maken en dat ze die ook allemaal snappen. In de vernieuwde NTR is het makkelijker gemaakt om van de meest gangbare zaken op te zoeken hoe je ze ontwerpt. Voor veel voorkomende ontwerpzaken is een extra tabel opgenomen. Daarin is heel praktisch af te lezen wat je moet doen.” Als het gaat om ontspanningsleidingen is in de nieuwe NTR nu een rekenmethode toegevoegd. Die berekent op basis van de capaciteit van de standleidingen en de drukverschillen hoeveel leidingen te combineren zijn en wat de diameters moeten zijn. Dit geeft installateurs meer mogelijkheden dan één standaard richtlijn. De rekenmethode is ook geschikt voor terraswoningen, waarbij steeds een versleping in de standleiding zit. Ook is er nu bijvoorbeeld een bijlage aan toegevoegd met een uitgebreid stroomdiagram voor het achterhalen van stankoverlast.

Sterker in de schoenen

Ook Nick Post was betrokken bij de nieuwe NTR. Hij is projectleider bij installatiebedrijf Beck & v/d Kroef. Net als Snoek vindt hij het belangrijk dat zaken voor iedereen op de werkvloer te begrijpen zijn. “Een tabel, stuk tekst of een afbeelding moet maar op één manier op te vatten zijn. Dat is heel belangrijk bij een norm. Vaak krijgen we bij de uitvoering discussies met de opdrachtgever over de installatie van het systeem. Dan moet je als installateur echt met harde bewijzen komen om aantoonbaar te maken dat jouw plan juist is. Een goede, duidelijke norm en regeling is dan ontzettend fijn om te hebben als ruggensteun. Je staat daarmee gewoon sterker in je schoenen.”

Toekomstgericht

Heftige regenbuien zijn een ander onderwerp waarover Rob Snoek, Nick Post en de andere leden van de commissie in de gesprekken over de herziening van de NTR vaak spraken. Snoek: “In de toekomst gaan we het meer en meer hebben over de problematiek van korte, heftige buien. Net als over het bergen van water binnen de eigen perceelgrenzen. Wat is je plan als het gaat om de opvang van water? De huidige installaties zijn daar meestal niet goed op toegerust.”
In de herziening is verder ook een extra stuk over onderhoud en beheer op genomen. In de toekomst, maar ook nu al, zijn thema’s als een energieneutrale omgeving en circulair bouwen belangrijker. Dat betekent dat ook onderhoud en beheer steeds meer aandacht vragen. Installateurs moeten het materiaal namelijk over de hele levensduur van het bouwwerk optimaliseren, en producten en materialen blijven steeds langer in gebruik, bijvoorbeeld door recycling of hoogwaardig hergebruik. 

NEN 3215, NTR 3216 en Kleintje Riolering

“De NTR 3216 is een omvangrijke praktijkrichtlijn die vrij gedetailleerd uitlegt hoe je riolering zo kunt aanleggen dat een storingsvrije werking mogelijk is”, vertelt Irene van Veelen, projectcoördinator bij ISSO. “De gewijzigde NEN 3215 was de aanleiding om ook de NTR 3216 en Kleintje Riolering te herzien. Dat is dan meteen een mooi moment om ook voortschrijdende techniek en technische inzichten, als het gaat om gebouwriolering, mee te nemen. NEN en NTR worden tegelijkertijd aangepast door dezelfde commissie. Dus wat in de NEN wijzigt, wijzigt ook in de NTR. Maar soms doen we in de NTR ook een extra praktische aanpassing.”
De nieuwe NEN ligt nu bij de productieafdeling van NEN, hij verschijnt begin 2019. NTR 3216 en Kleintje Riolering verschijnen binnenkort. Met deze publicaties ontwerpen marktpartijen afvoersystemen voor afvalwater die voldoen aan de eisen die het Bouwbesluit 2012, de Lozingsbesluiten en de NEN-normen stellen. Met de richtlijnen in de NTR kan men in ontwerp, aanleg en beheer zo goed mogelijk problemen voorkomen. Het Kleintje Riolering is een handzaam praktisch boekje, gebaseerd op de NTR, en is vooral bedoeld voor het werk in dagelijkse situaties.