VAN AMBACHT NAAR INDUSTRIE

Technische ontwikkelingen gaan vaak sneller dan we als maatschappij kunnen bevatten. Dat geldt zeker in de nieuwbouw. Traditioneel, ambachtelijk bouwen verliest er rap terrein aan fabrieksmatig vervaardigde woningen. Met kant-en-klare installaties. Hoe ga je daarmee om als installateur?

De historische roman ‘Imitatio’ van Benjamin Louwerse speelt zich af in de 15e eeuw. De hoofdpersoon is een monnik die met zijn medebroeders woont in een klooster vlakbij Zwolle. Hun belangrijkste bron van inkomsten is het overschrijven en versieren van belangrijke geschriften. Dan doet de boekdrukkunst zijn intrede. Volgens de oude monniken zal het allemaal niet zo’n vaart lopen en blijft er een markt voor versierde manuscripten bestaan. Kent u nog een boekhandel of website waar handgeschreven boeken worden verkocht?

Trendwatching

‘History repeats itself’ wordt er niet voor niets gezegd. ‘Time over and over again’. Industrialisering is niet van gisteren, en het ongeloof dat ermee gepaard gaat, helaas ook niet. Helaas inderdaad, want een eerlijke blik in de spiegel werpen, is meestal een betere remedie om met de werkelijkheid te leren omgaan, dan de realiteit te negeren. Ben je namelijk wel goed ingevoerd in de trends van vandaag, dan weet je ook wat je te doen staat om je bedrijf veilig te stellen voor de dag van morgen.

Industrialisering

Al in de vorige eeuw werden de eerste voorzichtige stappen gezet om (grote) delen van het bouwproces te industrialiseren. Die ontwikkeling is door internet, virtueel bouwen, de crisis, het gebrek aan vakmensen, bevolkingsgroei en de toegenomen vraag naar woningen in een stroomversnelling terecht gekomen. Een innovatieve installateur speelt daarop in.

Voordelen prefab

Zoals Breman. Enkele jaren geleden raakte de installateur betrokken bij een nieuwbouwproject in Castricum. Vanwege ruimtegebrek, werd een deel van de installaties geprefabriceerd in een betonfabriek. Een werkwijze met enorme voordelen. “In een fabrieksmatige omgeving kan je beter de kwaliteit van componenten en systemen waarborgen, daarnaast scheelt het je montagetijd en heb je minder vakmensen nodig op de bouwplaats”, vertelt Andre Terpstra, Projectleider bij Breman Drachten.

Droog stapelen

Na het succes van Castricum, besloten Breman en de andere bouwpartners om het bouw- en installatieconcept door te ontwikkelen. Dat leidde uiteindelijk tot de ‘Droogstapelwoning’, die specifiek bedoeld is voor de huursector. Bij Bouwgroep Dijkstra Draisma, ‘rollen de gevels nu van de lopende band af’. Betonson levert prefab vloeren aan. Zowel de gevels als vloeren zijn in de fabriek al voorzien van het benodigde leidingwerk. Logus zorgt voor de prefab sanitair units en Spaansen neemt de prefab wanden voorzien van het benodigde leidingwerk voor zijn rekening. Breman zelf tot slot, prefabriceert de benodigde kabelbomen en verdere bouw toebehoren, zoals een prefab meterkast en een technische skid voorzien van warmtepomp, boiler en wtw.

Bouwkundige opbouw

De ‘Droogstapelwoning’ heeft een betonnen, prefab fundering. De vloer is van hetzelfde materiaal evenals de woningscheidende wanden. Het buitenblad van de voor- en achtergevel is gemaakt van streenstrips, maar kan in theorie ook van andere plaat- en afwerkingsmaterialen worden vervaardigd. De binnenbladen zijn weer van beton. Het geheel wordt volledig geïsoleerd met cellulose, vertelt Terpstra.

Woningconfigurator

‘Wie betaalt, die bepaalt’, luidt een oud gezegde. Voordat de fabricage en realisatie van start gaan, mag de opdrachtgever zijn eisen en wensen kenbaar maken. Met behulp van een woningconfigurator kiest hij het type woning en geeft hij in hoofdlijnen aan hoe de huizen eruit moeten gaan zien. Of ze verlaagde plafonds krijgen of niet, waar de scheidingswanden komen, etcetera. “Op termijn gaan we 7 verschillende typen woningen aanbieden, die de opdrachtgever tot op een bepaalde hoogte kan aanpassen aan zijn wensen”, vertelt Terpstra. Deze verschillende woningtypen zijn na de ontwikkeling al geheel in 3D – BIM uitgetekend. Met deze BIM-tekeningen worden vervolgens machines en productiemedewerkers aangestuurd. Zo is de kans op bouwfouten minimaal.

NOM

De woningen zijn NOM-ready, aldus Terpstra. Getrouw aan de Trias Energetica, is eerst de warmtevraag teruggebracht tot een minimum met bouwkundige maatregelen zoals isoleren en luchtdicht bouwen. “De qv10-waarde bedraagt 0,17, dat zit tegen passiefbouwen aan”.

Installatieconcept

In het installatieconcept is voorzien in PV-panelen voor de opwekking van stroom. Het schakelwerk verloopt draadloos en zonder batterijen, wat een kostenbesparing oplevert en kabels scheelt. Ook het W-installatieconcept ligt al grotendeels vast. Zo worden de woningen standaard aangesloten op een bodem- of luchtgebonden warmtepomp. In het laatste geval dekt een speciale dakkap de buitenunit af, om het aangezicht van de woning niet te bederven. Bovendien brengt deze positionering van de warmtepomp nog een ander voordeel met zich mee: de bewoners en omwonenden hebben veel minder last van de eventuele geluidsproductie.

Warmteafgifte

De warmteafgifte op de begane grond verloopt via een vloerverwarmingssysteem. De vertrekken boven zijn voorzien van elektrische radiatoren. Op deze manier blijft de temperatuur beneden op een constant niveau en kan boven met een snelle boost het gewenste comfortniveau worden bereikt als de bewoners zich in de slaapkamers bevinden. Dit installatieconcept levert een energiebesparing op, wat nog eens extra versterkt wordt door de warmteterugwinunit van het balansventilatiesysteem. De mogelijkheid om de vloer op de begane grond te laten koelen is aanwezig. Deze functionaliteit wordt standaard niet geactiveerd, aangezien dat bij een lucht-water warmtepomp wel om extra energie vraagt.

Monteurs

De monteurs zijn erg te spreken over de nieuwe werkwijze, vertelt Terpstra. Op de bouwplaats zelf hoeven ze alleen vaste protocollen te volgen. De hele logistiek van het bouwproces is namelijk tot op iedere hijsbeweging aan toe al van tevoren uitgedokterd. Alle leveringen geschieden ‘just-in-time’, zodat er geen ruimte nodig is om onderdelen en componenten op te slaan. Vervolgens vindt de montage plaats, waarbij de verschillende prefabonderdelen met elkaar worden verbonden en binnen 5 dagen staat er een kant-en-klare nieuwe woning.

Sparen

“We hebben maar een paar ervaren vakmensen nodig op de bouwplaats om het hele proces aan te sturen.” Voor de prefabricage zijn meer een soort productiemedewerkers nodig. “Dat scheelt uiteraard voor de inzetbaarheid van ervaren vakmensen. Bovendien kunnen we oudere monteurs ontlasten door ze om te scholen en in de fabriek te laten werken aan de prefabonderdelen.”

Bottlenecks

Met deze aanpak gaan Breman en bouwpartners op een effectieve wijze het tekort aan vakmensen en de torenhoge faalkosten te lijf. Toch kan het conglomeraat aan partijen niet zomaar even doorpakken.
“Er zijn nog ander obstakels, zoals de snelheid waarmee vergunningen worden verstrekt en de hoeveelheid grond die beschikbaar wordt gesteld voor nieuwe bouwprojecten.” Maar deze obstakels remmen de technologische ontwikkelingen ‘an sich’ niet af. “Over een jaar of 10 is deze geïndustrialiseerde werkwijze normaal en over een jaar of 25 komt het merendeel van onze woningen uit een 3D-printer rollen. Met het oog op de toekomst zou ik dan ook de kleine installateur adviseren om zich te richten op de renovatiesector waar vraag blijft naar ambachtelijke werkzaamheden, evenals in de particuliere sector of om zich te gaan specialiseren in de afbouw.” 