• Wat zit erachter?

    Wat zit erachter?

    Uit ervaring weten we dat er na, zeg 15 jaar, in een bestaand gebouw verbazingwekkend weinig kennis meer is van de technische installaties. Na oplevering van gebouwen verdwijnen technische tekeningen ‘als sneeuw voor de zon’. En mocht een gebouw één of meerdere keren van eigenaar veranderen, dan is de ramp al helemaal niet te overzien. Kortom, vaak weet niemand na een aantal jaren nog iets van de technische invulling van een gebouw. Dat is lastig voor een installateur die bijvoorbeeld in een appartementengebouw een nieuw cv-toestel moet gaan plaatsen. Het eerste wat hij moet uitzoeken is: wat zit er achter de wand? Welk rookgasafvoersysteem is toegepast en wat betekent dit voor de renovatie van ervan in combinatie met een cv-toestelvervanging. Kan hij dit zelf of moet hij hiervoor een specialist inschakelen? Wat hem zou kunnen helpen is een ‘schoorsteenaansluitplaat’ op of bij de aansluiting in de wand, waarop hij kan zien wat hij kan tegenkomen tijdens zijn werkzaamheden. De meest essentiële informatie zou hierop moeten staan. In ieder geval de productmarkering of ‘designation string’ (de belangrijkste kenmerken) van het afvoersysteem, evenals het jaar van installatie en de maximale levensduur van het systeem. Zo is simpel na te gaan of en hoelang het systeem nog bruikbaar is, en aan welke eigenschappen het nieuw aan te sluiten cv-toestel moet voldoen. Deze en andere gedachten zijn al vormgegeven in het onlangs ontwikkelde document ‘Het nieuwe CLV-systeem’ (Hfst. 7) waarin alle kwaliteitseisen voor het installeren van rookgasafvoersystemen voor modernste (C10) cv-ketels zijn samengebracht. In Europa wordt er over nagedacht om dit in nieuwe regelgeving in te bedden. En waarom zouden we die stap niet nu al nemen in Nederland? Aan Rogafa zal het niet liggen. Op deze manier kunnen we immers niet meer onbedoeld verr(g)ast worden. Jan Mondria, directeur Breman Schoorsteentechniek Namens de vereniging …Lees meer »
  • samen werken of samenwerken?

    samen werken of samenwerken?

    “We moeten meer en beter met elkaar samenwerken” wordt vaak gezgd. Maar wat betekent ‘samenwerken’? Volgens Van Dale: ‘met verenigde krachten werken, gemeenschappelijk aan eenzelfde taak werken. Ik betrek dit eens op de wereld van gebouwbeheersystemen (GBS). GBS wordt volgens mij toegepast om optimale functionaliteiten te leveren aan de gebruiker: technische integraties moet méér brengen dan de autonoom werkende oplossing. Dit betekent dat de slimme integratie van technieken en diensten ondersteunend zijn aan functionele doelstelling(en). Juist dit maakt GBS kennisintensief en anders dan conventionele installatietechniek. Vanuit de techniek gezien ‘knoopt’ de branche nu alles probleemloos aan elkaar. Aanbieders roepen om het hardst dat het goed integreren (= vorm van samenwerken!) van een scala aan techniek geen onderwerp van discussie meer is. Althans, dat is het algemene beeld. De harde praktijk is anders. Gebruikers ervaren toegezegde functionaliteiten nog niet als probleemloos werkend. Kortom, systeemintegratie betekent nog niet dat er (optimaal) samengewerkt wordt. GBS overstijgt techniek en vraagt om omvangrijke kennis en specialistische deskundigheid van álle betrokken partijen, inclusief klant. Functionerende GBS eist vergaande integrale samenwerking ook op procesniveau. In een GBS-project heeft iedere partij een belang en belangeloos samenwerken bestaat niet. Een integrale benadering van het gezamenlijke belang wordt zo structureel onderschat. Van samen werken, samenwerken maken. Kan dat? Ik denk van wel. Mits er bij álle partijen duidelijkheid is over de onderlinge complementaire verhoudingen en er een helder gezamenlijk belang is geformuleerd, onder realistische condities. Het vraagt een andere manier van denken, organiseren en doen. Gaan we als vastgoed-, bouw- en installatiebranche ook zó samenwerken? Maarten van der Boon maarten@novitek.nl Vanuit zijn bedrijf Novitek helpt Maarten technische bedrijven in organisatie­- strategie, innovatie en communicatie.Lees meer »
  • Bovenkarspel hakt er nog altijd in

    Bovenkarspel hakt er nog altijd in

    Omdat het zo’n impact had (en heeft) op onze samenleving, sta ik nogmaals stil bij het feit dat twintig jaar geleden de grootste legionella-uitbraak ooit plaatsvond in Bovenkarspel. 32 mensen overleden en honderden werden ziek. Van de overlevenden ondervindt nog een zeer groot aantal dagelijks hinder van de besmetting. Prof. P. Speelman van het AMC ziekenhuis heeft destijds 89 personen twee jaar gevolgd. Veel mensen bleken restklachten te hebben, zoals geheugenverlies concentratiestoornis, gewrichtspijn en vermoeidheid. Recent heeft de stichting Veteranenziekte een soortgelijk, zeg maar vervolgonderzoek gedaan. Schrik niet, de cijfers zijn bijna identiek. Kortom, het hakt er nog altijd stevig in. Andries Knevel, nu ambassadeur voor de stichting, weer daarover inmiddels mee praten. Tien jaar geleden was er een herdenking in Bovenkarspel en organiseerde de stichting een groot congres in Amersfoort. Ik had destijds met mevrouw Els Borst bekokstoofd dat de oprichters van het eerste uur een onderscheiding zouden krijgen. Daar kwam nog heel wat bij kijken: goedkeuring van Hare Majesteit en geheimhoudingsplicht voor de familie en mij. Er waren ongeveer 350 mensen aanwezig, waaronder personen die dierbaren hadden verloren en slachtoffers waarvan de meesten dus met restklachten en arbeidsongeschikt. Een zeer emotionele ervaring. Gelukkig is de wetgeving en controle nu sterk verbeterd maar er liggen nog steeds grote gevaren op de loer voor een nieuwe uitbraak. Kijk de recente uitzending van Zembla naar aanleiding van twintig jaar Bovenkarspel er maar eens op terug. Installateurs kunnen aan het voorkomen van dit soort drama’s een steentje bijdragen door onder andere gebruikers en opdrachtgevers goede voorlichting te geven over hoe ze moeten omgaan met water. Er worden immers nog steeds veel zaken onderschat, zelfs door artsen. Leo Bikker BAC (Bikker Advies & Consultancy) mbikker@chello.nlLees meer »
  • Hoe gaat u hét verschil met uw concurrent maken?

    Hoe gaat u hét verschil met uw concurrent maken?

    Tijdens een presentatie stelde ik de luisteraars eens de vraag: “Weet iemand wanneer de eerste iPhone werd geïntroduceerd?” Niemand antwoordde. Herinnert u het zich nog? Een regelrechte hit werd het. Een wereldwijde gamechanger op gebied van (mobiele) communicatie. Inmiddels, bijna 12 jaar verder, heeft de smartphone een onmisbare plaats in ons leven gekregen. Vanuit onze handpalm staan wij 24/7 in tekst, beeld en geluid in verbinding met de hele wereld. Voor mij een mooi voorbeeld van innovatie. Innovatie vindt plaats in verschillende vormen. Voor elke vorm geldt: het draait om het op een andere manier inzetten van wat er nu is. Om zo nieuwe, slimmere of handigere toepassingen te krijgen. Soms ter verbetering van het bestaande en andere keren is de innovatie een gamechanger. Er ontstaat dan een hele nieuwe kijk op zaken en daardoor een nieuwe markt. De bouw- en installatiesector zijn aan het veranderen. Veroorzaakt door de vier grote ontwikkelingen in nano-, bio-, data- en cognitieve (gedragsbeïnvloedende) technologie. Ik ben ervan overtuigd dat deze vier ontwikkelingen de bouw- en installatiesector gaan raken. De komende jaren gaan we zien waarin en hoe. Maar dat het speelveld van bouwen, installeren en techniek gaat veranderen, staat voor mij als een paal boven water. Er is maar één antwoord hoe hiermee om te gaan: innoveren. In producten, diensten en processen. Maar ook in uw manier van denken. De introductie van de eerste generatie iPhone in Nederland was om precies te zijn: 26 juni 2007. Wat gaat uw ‘iPhone’ worden? Waarin, waarmee of waarop gaat u hét verschil met uw concurrent maken? Innovatief ondernemen start met het anders kijken naar en dwarsdenken over de praktijk. Creatief aan de slag met de vraagstukken (behoefte) van nu. Gericht op het leveren van het antwoord (aanbod) van nu én morgen. Maarten van der Boon maarten@novitek.nl Vanuit …Lees meer »
  • Bovenkarspel 20 jaar na dato

    Bovenkarspel 20 jaar na dato

    Dit jaar is het 20 jaar geleden dat in Bovenkarspel de grootste legionella-uitbraak ter wereld plaatsvond in ons kleine ‘Vaasjesland’. Er is veel gebeurd sinds die tijd en gelukkig gaan er nu veel zaken beter dan voor de uitbraak. Maar nog niet alles gaat goed en daar kunnen wij met z’n allen iets aan doen. Schroom bijvoorbeeld niet om contact met mij op te nemen als u ergens tegenaan loopt. Ik kan dit in het LOPL ( Landelijk Overlegorgaan Preventie Legionella) aankaarten. Dat is het orgaan waar alles wat met Legionella te maken heeft wordt besproken. Zo analyseerden wij onlangs de uitzending van Zembla over Legionella. Enkele maanden geleden nam de redactie van dit tv-programma contact met mij op n.a.v. mijn stelling dat er 750 legionelladoden per jaar vallen in Nederland. Zembla heeft veel zaken kritisch tegen het licht gehouden, zoals het leed van de slachtoffers. Hun leven en dat van hun naasten staat werkelijk op zijn kop. U kunt dit leed mede helpen voorkomen. Bedenk overigens wel dat als er iets fout gaat, u hiervoor verantwoordelijk bent. U valt namelijk onder het straf- en privaatrecht. Heleen de Man gaf in het LOPL een presentatie. Zij is gepromoveerd op onderzoek naar risico’s om ziektes op te lopen bij fonteinen en bij plassen op straat, mede veroorzaakt door het overlopen van gemengde rioolsystemen. Zij trof veel soorten bacteriën aan. Door opspattend water van onder andere auto’s wordt ca. 44% van de kinderen ziek (ook kans op Legionella). Dat zal nog gekker worden met de klimaatverandering. Eén van de oorzaken is dat rioleringstelsels vaak niet gescheiden zijn aangelegd. Aan u de schone taak om crossconnecties te voorkomen. Leo Bikker BAC (Bikker Advies & Consultancy) mbikker@chello.nlLees meer »
  • Robotisering in de techniek

    Robotisering in de techniek

    Onlangs verscheen het boek Human + machine waarin Paul Daugherty en Jim Wilson de impact van robotisering en kunstmatige intelligentie schetsen. Het boek opent je ogen voor de kansen en uitdagingen van de toekomst. Meer dan 90% van het werk zal op de een of andere manier door kunstmatige intelligentie veranderen. En 15 tot 20% van het werk zal straks volledig zijn geautomatiseerd. Het World Economic Forum voegt hieraan toe dat kunstmatige intelligentie in 2025 75 miljoen banen doet verdwijnen, maar ook 133 miljoen banen creëert. Wat zeggen deze cijfers voor jou? Waar sta jij als werknemer? Wat doe je als werkgever? Het is moeilijk om op toekomstvragen precieze antwoorden te geven. Maar zeker is dat het gaat om kansen pakken. Met kunstmatige intelligentie ontstaan nieuwe werkvormen en businessmodellen. Deze bieden kansen die je moet zien te verzilveren. Voor de branche betekent dit individueel én samen investeren in scholing. Van álle medewerkers. Want de komende jaren zal elke dag voor elke werknemer veranderingen brengen. Slimme marktoplossingen zullen vragen om andere ontwerpen, andere onderhoudsvormen en andere begeleiding. Maar ook om andere interne bedrijfsprocessen. Deze veranderingen zijn geen bedreiging, maar vragen wel om actie: een leven lang ontwikkelen! Hiermee sta je open voor nieuwe manieren van werken, maar heb je ook een open vizier naar de toekomst, de bereidheid om te (blijven) bewegen en een goede basis om van je werk te genieten. Best lastig voor een MKB-bedrijf dat op zoek is naar vakmensen die de bestaande werkvoorraad moeten oppakken of dat middenin de energietransitie staat. Begrijpelijk, maar ik ben ervan overtuigd dat de impact van kunstmatige intelligentie en robotisering niet iets is van de toekomst, maar gisteren al is gestart. Trek de toekomst daarom dichter naar je toe en ga actief met een leven lang ontwikkelen aan de slag. Ik weet …Lees meer »
  • Randvoorwaarden bepalen duurzame installatietechniek

    Randvoorwaarden bepalen duurzame installatietechniek

    Duurzame installatietechniek was al een trend voordat het woord duurzaam een hype werd. Zeker in de wereld van de cv-toestellen is door de jaren heen enorme vooruitgang geboekt. De innovatiekracht heeft bedrijven gestimuleerd om verwarmingstoestellen door te ontwikkelen. Resultaat: een veel hoger rendement per toestel én afname van het aardgasverbruik. In 1980 was het gemiddeld verbruik per woning nog circa 3500 kuub; in 1990 was dit al de helft*! En ook nu zet die duurzame en dus innovatie-gedreven ontwikkeling door. Echter, voor duurzame installatietechniek, specifiek voor het verwarmen van de gebouwde omgeving, zijn cruciale randvoorwaarden nodig. Eén daarvan is het behoud van het bestaande aardgasleidingnetwerk. Dit netwerk kan nu al ingezet worden voor CO2-vrije – en dus duurzame – gassen en is bovendien vele malen goedkoper dan de aanleg van een compleet nieuw elektriciteitsnetwerk of de aanleg van warmtenetten. Bovendien kan het huidige netwerk ook een belangrijke rol spelen bij opslag van duurzame wind-zon stroom die is omgezet middels het power-to-gas principe. Een andere essentiële randvoorwaarde voor duurzame installatietechniek is blijven investeren in goed opgeleide en kundige installateurs. De verwarmingsinstallatie kan nog zo zuinig en duurzaam zijn, als het toestel niet goed wordt geïnstalleerd, ingeregeld en onderhouden dan heeft dat per direct een nadelig resultaat. Het instellen en inregelen bij oplevering en in stand houden van de juiste waarden is minstens zo belangrijk als enkel de juiste componenten aanschaffen. Dat is van toepassing voor een traditionele verwarmingsinstallatie maar geldt ook zeker voor een hybride verwarmingsinstallatie. Immers moet bij een hybride naast de ketel óók het warmtepompdeel optimaal ingeregeld worden. Daarom leiden de fabrikanten binnen De Nederlandse Verwarmingsindustrie jaarlijks meer dan tienduizend installateurs op, zodat duurzame installatietechniek op het netvlies blijft. *Temperatuur gewogen aardgasverbruik in Nederland in gebouwen met een cv-systeem (bron: CBS Statline) Henk Sijbring Voorzitter De Nederlandse Verwarmingsindustrie i.o.Lees meer »