Installatiebedrijven duurder uit door nieuwe vrachtwagenheffing
Installateurs met zware bedrijfswagens kunnen door de nieuwe vrachtwagenheffing sinds 1 juli honderden tot duizenden euro’s per jaar duurder uit zijn. Het gaat onder andere om zwaardere uitvoeringen van werkbussen die technisch meer dan 3.500 kilo mogen wegen. Van september tot en met december geldt tijdelijk nog 22 procent korting op de vrachtwagenheffing.
De vrachtwagenheffing geldt voor voertuigen met een technische maximummassa van meer dan 3.500 kilo. Een standaard werkbus van 3.500 kilo valt er buiten, maar een zwaardere uitvoering of teruggekeurd voertuig kan wél geraakt worden. Denk aan een zwaardere Mercedes Sprinter, Ford Transit, Iveco Daily, Renault Master of MAN TGE met laadbak, kipper, dubbele cabine of extra laadvermogen.
Voor een Euro 5-dieselvoertuig onder 12 ton geldt normaal een tarief van 13,1 cent per kilometer. Een installatiebedrijf met een zware servicewagen die jaarlijks 15.000 kilometer rijdt op wegen waar de heffing geldt, betaalt daarmee 1.965 euro per jaar aan vrachtwagenheffing. Daar staat het wegvallen van de motorrijtuigenbelasting tegenover. Voorheen ging het in deze gewichtsklasse vaak om 396 euro per jaar. Netto blijft dus 1.569 euro extra per voertuig over.
Bij meerdere bussen loopt het snel op
“Veel ondernemers in de bouw denken bij vrachtwagenheffing aan transportbedrijven, maar dat beeld is te beperkt”, zegt Sem Smeenk, eigenaar van Regeljelease.nl. “Een zware werkbus voelt voor een installateur gewoon als gereedschap op wielen. Toch kan zo’n voertuig op papier onder de vrachtwagenheffing vallen.”
Bij drie vergelijkbare voertuigen loopt de extra kostenpost op tot 4.707 euro per jaar. Bij vijf voertuigen gaat het om 7.845 euro. Elektrisch rijden drukt de heffing fors: bij 15.000 kilometer betaalt een emissievrij voertuig onder 12 ton 375 euro per jaar, tegenover 1.965 euro voor de Euro 5-diesel uit het voorbeeld. “Maar de overstap moet wel passen bij laadvermogen, trekgewicht, actieradius en de planning op de bouwplaats”, aldus Smeenk.
