“Je koopt simpelweg de handjes die je nodig hebt”

Technisch dienstverlener Hoppenbrouwers kocht onlangs de energie-installatietak van CoolBlue. Zij zijn niet het enige bedrijf in de sector dat op overnamepad is. Overal in de installatiebranche, bouw en infra gebeurt het. Personeelstekorten zijn een belangrijke reden. Je koopt simpelweg de handjes die je nodig hebt om het werk te kunnen doen. Ook relatief kleinere partijen zijn dus interessant. Bedrijven met jong personeel zijn aantrekkelijker dan bedrijven met een vergrijsd werknemersbestand. En bedrijven waar jonge mensen willen blijven zijn dat nog meer.

Dat zegt Geert Smets van Aeternus. Hij ziet dat de woningbouw aantrekt. “Niet met zo veel huizen als is voorspeld, maar het gebeurt. Je ziet nu dat bouwbedrijven steeds moeilijker hun bezetting rond kunnen krijgen. Bedrijven die dat wel kunnen, worden dus overnamekandidaten.”

Lonen blijven stijgen
“Den Haag heeft de krapte onvoldoende op het netvlies”, vervolgt Smets. “Er zijn wel plannen, maar concrete maatregelen blijven uit. De lonen blijven stijgen en dan zul je als bedrijf moeten innoveren. Dat kan door met jonge mensen te werken. Maar te weinig mensen stromen de techniek in. Het onderwijs schreeuwt om geld, en krijgt dat niet. Waardoor dit niet verandert.”

“Bouw-zzp’ers profiteren van sterke marktpositie”
Dat er veel vraag is naar personeel in de bouw blijk wel uit het jaarlijkse onderzoek van de bank Knab naar de financiële positie en verwachtingen van zzp’ers. Maar liefst 90% van de bouw-zzp’ers zegt veel vraag naar werk te ervaren; het hoogste percentage van alle onderzochte sectoren. Tegelijk verhogen veel ondernemers hun tarieven en stijgt de gemiddelde winst met 9%. “De vraag naar vakmensen in de bouw blijft hoog,” zegt Oskar Barendse, financieel expert bij Knab. “Daardoor hebben zelfstandigen relatief veel ruimte om hun tarieven aan te passen wanneer kosten stijgen of hun ervaring toeneemt. Veel bouw-zzp’ers profiteren momenteel van een sterke marktpositie.”

Tarieven stijgen sneller dan gemiddeld
Veel bouw-zzp’ers pasten het afgelopen jaar hun tarieven aan. In totaal verhoogde 63% van de zelfstandigen in de bouwsector het uurtarief, duidelijk meer dan het landelijke gemiddelde van 57% onder alle zzp’ers. Volgens de respondenten hangt die ontwikkeling samen met de blijvend hoge vraag naar vakmensen en de stijgende kosten waarmee ondernemers te maken hebben.

Winst stijgt, maar kosten nemen ook toe
De gemiddelde winst van bouw-zzp’ers kwam in 2025 uit op €55.545, een stijging van 9% ten opzichte van een jaar eerder. Daarmee ligt de winst dicht bij het landelijke gemiddelde van €61.570 onder alle zelfstandigen. Tegelijk geven veel bouw-zzp’ers aan dat stijgende kosten een belangrijke rol spelen in hun bedrijfsvoering. Respondenten noemen onder meer: hogere materiaalprijzen, stijgende brandstofkosten,        duurdere gereedschappen en hogere verzekeringspremies. Voor veel ondernemers vormen deze kostenstijgingen ook een belangrijke reden om hun tarieven regelmatig aan te passen.

Bouwsector kent hoogste vraag naar werk
De vraag naar werk onder bouw-zzp’ers is uitzonderlijk hoog. Maar liefst 90% zegt veel vraag naar opdrachten te ervaren, het hoogste percentage van alle onderzochte sectoren. Gemiddeld hebben bouw-zzp’ers ongeveer vier maanden vooruitzicht op werk. Dat is iets minder dan het landelijke gemiddelde van zes maanden onder alle zzp’ers. Volgens Knab hangt dat verschil samen met de aard van bouwprojecten. Veel opdrachten hebben relatief korte looptijden en worden sneller ingepland, waardoor de zichtbare planningshorizon korter kan zijn.

Groot verschil tussen praktisch en hoger opgeleid werk
Binnen de bouwsector bestaat een duidelijk verschil tussen praktisch en hoger opgeleid werk. Ongeveer één op de drie bouw-zzp’ers heeft een bachelor- of masterdiploma. Deze groep werkt relatief vaak in rollen zoals architect, adviseur of projectmanager en rekent gemiddeld €83 per uur. Bouw-zzp’ers zonder bachelor- of masteropleiding werken juist vaker als bijvoorbeeld installateur. Zij vragen gemiddeld €53 per uur. Opvallend is dat deze groep juist meer declarabele uren maakt: gemiddeld 34 uur per week, tegenover 30 uur per week voor hoger opgeleide bouw-zzp’ers.

Vertrouwen in eigen bedrijf blijft groot
Ondanks praktische uitdagingen blijven veel bouw-zzp’ers positief over hun onderneming. 85% kijkt positief naar de toekomst van het eigen bedrijf, vrijwel gelijk aan het landelijke gemiddelde onder zelfstandigen. Daarnaast verwacht 45% betere resultaten in ten opzichte van vorig jaar, 48% ongeveer dezelfde resultaten en 7% een verslechtering. Volgens respondenten spelen vooral een goed gevulde orderportefeuille, een groeiend netwerk van vaste opdrachtgevers en stijgende tarieven een rol in dat optimisme.