Tag: artikel editie oktober 2021

LT-warmtenetten

Het wil nog niet vlotten met LT-warmtenetten, maar toch lijkt er een gouden toekomst te zijn weggelegd voor deze duurzame oplossing. Volgens Sebastiaan Knepper, deskundige en junior duurzaamheidsadviseur bij Merosch, is het slechts een kwestie van tijd voordat de grote doorbraak komt. IZ sprak twee jaar geleden al uitgebreid met Knepper. Hij was toen bezig af te studeren bij de TU Delft op LT-warmtenetten. Inmiddels heeft hij zijn Mastertitel gehaald en werkt hij bij Adviesbureau Merosch. Aantallen Om maar gelijk met de deur in huis te vallen: Er zijn op moment van schrijven nog 0 projecten met LT-warmtenetten gerealiseerd, vertelt Knepper. Maar de sector staat niet stil. Twee jaar geleden bleek er nog de nodige onduidelijkheid te zijn over welke temperatuurrange we nu precies spreken bij LT-warmtenetten. Dat is inmiddels wel voorbij. Uniform “Ik zie nu een meer uniforme benadering”, vertelt Knepper. “Bij HT is de temperatuur van de warmtebron hoog genoeg om aan woningen water van circa 70 °C te leveren, MT zit tussen de 50 – 70 °C, LT tussen de 30 – 50°C en tot ZLT rekenen we alles wat onder de 30° zit.” Warmtebronnen De warmtenetten kunnen in theorie gebruik maken van verschillende bronnen, vertelt Knepper. “Eigenlijk geven lokale omstandigheden de doorslag. In pak ‘m beet een waterrijke provincie als Friesland zal je bijvoorbeeld eerder de warmte oogsten van oppervlaktewater. In Zuid-Holland daarentegen is geothermie interessanter. Daarnaast kan je warmtenetten ook voeden met rioleringswarmte.” Gelijkwaardigheid Hoewel er dus verschillende opties op tafel liggen, zijn ze niet

Sarah is er weer klaar voor

De samenleving gaat weer open! En dat betekent dat Sarah weer het land in kan. En hoe mooi is dat! Even ter herinnering: Sarah reist met haar huis door Nederland. Ze is zwanger; ze brengt een kind op de wereld dat in 2040 net volwassen is. En ze maakt zich zorgen over welke wereld we achter laten voor haar kind. Sarah werkt zelf in de techniek en gelooft in jouw vakmanschap. Sarah wil je daarom ontmoeten omdat vakmensen de sleutelpersonen zijn die een duurzame toekomst mogelijk maken. Het Huis van Sarah start weer op in een periode dat klimaat en energie nadrukkelijk op de agenda staat. Denk aan het IPCC-rapport dat aan de noodrem trekt en oproept nu aan de slag te gaan met het klimaat om verdere opwarming te voorkomen. In de plannen rond het vormen van een nieuw kabinet wordt gesproken over de noodzaak van een groene industriepolitiek. En dan zijn er natuurlijk de plannen van Tata Steel om te vergroenen. Mooie woorden. Maar ik denk dan ook in mijn achterhoofd aan één van de vele gezegdes die aan Einstein is toebedeeld als het gaat om de definitie van het woord waanzin: ‘Hetzelfde blijven doen en andere resultaten verwachten’. De vraag is op wie wachten we? Wie is aan zet? ‘Iedereen’ is het meest logische antwoord, maar dat verzandt in op elkaar wachten en naar elkaar kijken. Daarom stel ik voor dat we met Sarah het voortouw nemen! Onze vakmensen zijn de sleutelpersonen die het verschil maken. Twijfel

Optimale afstemming distributie én afgifte is essentieel

Ontwerpers van werktuigkundige installaties in en rondom gebouwen kunnen in deze tijd de mouwen opstropen (of deden dat al). Immers niet alleen het installatietechnisch ontwerp op zich wordt steeds belangrijker, maar ook de groeiende context. Deze wordt voor een belangrijk deel bepaald door een optimale energieprestatie in combinatie met duurzaamheidsambities. Tegelijkertijd neemt de roep om circulaire oplossingen toe. We moeten daarom niet alleen goed nadenken over aanvangsinvesteringen, maar ook de gehele lifecycle, Life Cycle Costs en Total Cost of Ownership (LCC/TCO) meenemen in het plaatje. Duidelijk is dat elk deel van de installatie optimaal moet worden gedimensioneerd, geïnstalleerd en ingeregeld. Dan praat je niet alleen over de opwekking, maar zeker ook over zaken als distributie en afgiftesysteem. Die laatste twee verdienen zeker meer aandacht. Niet alleen de afgifte van een vloerverwarmingssysteem is afhankelijk van de watertemperaturen en de verlegafstand, maar ook de dikte van de cementdekvloer, de diameter van de buis en de vloerafwerking zijn belangrijke factoren. Met elkaar zijn ze bepalend voor de uiteindelijke afgifte en… het comfort. Ook hebben we te maken met de moderne consument. Die is kritisch en stelt hoge eisen inzake informatieverstrekking en bedienbaarheid via mobiel of internet. ‘Internet of things’ komt langzamerhand overal in de HVAC-sector terug via implementatie. RVO heeft de ISDE-subsidieregeling beschikbaar voor particulieren die een warmtepomp laten installeren. De prestaties van deze warmtepomp worden mede bepaald door de afgifte en distributie van warmte en/of koude. Tip: maak de juiste berekeningen en laat een verlegplan door de fabrikant van de vloerverwarming verzorgen.

Veelbelovend

In een niet eens zo heel ver verleden ging een special over verwarming vooral over cv-ketels en alles wat daar bijhoort. Met de energietransitie in volle gang is dat veranderd. Warmtepomptechnologie heeft tegenwoordig de overhand als het gaat om nieuwe ontwikkelingen op de verwarmingsmarkt. Hoe snel kan het gaan. Hoe ziet die ‘nieuwe markt’ er inmiddels uit. Heel kort door de bocht kunnen we stellen dat de elektrische, luchtgebonden warmtepomp vooral opgang maakt in de nieuwbouw. In de bestaande bouw zien we vooral de hybride warmtepomp aan populariteit winnen. Blijft het daar dan bij? Nee, zeker niet. Waterstofketels, LT-warmtenetten, PVT-systemen… het zijn zo maar wat alternatieven die in deze uitgave de revue passeren en wellicht veelbelovend zijn. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de adsorptiewarmtepomp, die een vergelijkbare continue cyclus heeft als een normale elektrische warmtepomp maar waarvan de compressie van het koudemiddel plaatsvindt met een door warmte aangedreven adsorptiecompressor in plaats van een elektrisch-mechanische compressor. De installatie-industrie laat hiermee zien vergaand innovatief te zijn. En dat is mooi om te constateren.

Macht van data

Levert het data op? Ja? Verzamelen. Steeds vaker hoor en lees ik deze woorden. Data zijn de heilige graal in het informatietijdperk, waarin wij nu leven. Terabytes aan data, verzameld in de datacentra all over the world. Steeds meer producten zijn connected en spuwen data naar… ja naar wie eigenlijk? In gelijke tred met de data-ontwikkeling lopen ook de discussies op. Wie is eigenaar? Wat kan, mag en wil je toelaten? Oké, data op zichzelf zijn niet bijzonder. Eigenlijk is dat iets wat door de eeuwen heen er altijd al is geweest. De manier van invoer, opslag en hergebruik is nogal veranderd. Van stenen tafel naar hightech tablet. Aan een bulk nullen en enen op zichzelf hebben we niets. Het wordt pas interessant wanneer er via slimme algoritmes, analyses op uitgevoerd worden. Dat geeft informatie. En informatie betekent kennis. Ook in onze branche gaat data van cruciale betekenis zijn. Grote fabrikanten en aanbieders hebben dit licht al gezien. Alleen al uitgaande van de tsunami aan monitorsystemen die geïntroduceerd worden op bijvoorbeeld energiegebruik. Met als aardig extraatje: een gratis app. Het geeft te denken. Steeds vaker wordt er een mooie app ingezet bij producten of diensten. Gratis aangeboden. Als tegenprestatie wordt wel gevraagd een account aan te maken. Vervolgens staan jouw (gebruikers)data in de cloud, in zekere zin ter beschikking van de aanbieder. Zo ben jezelf het product geworden in de ‘gratis’ dienst die je ontvangt. Wanneer de aanbieder vervolgens de juiste verbindingen weet te maken tussen de verschillende datastromen, doet

Berekeningen

In dit artikel legt Ron Bosch, adviseur en HBO-docent Installatietechniek, uit waarom berekeningen belangrijk zijn om tot een goed installatieconcept te komen. Daarvoor neemt hij u mee naar een bouwplaats in Rosmalen waar Hoedemakers Bouw en Ontwikkeling op moment van schrijven honderden woningen realiseert. Om precies te zijn: we gaan naar het nieuwbouwproject Parktuinen De Lanen, waar Hoedemakers vele fraaie woningen heeft neergezet aan de Bloesemgeel. Op Afbeelding 1 ziet u de in dit artikel besproken woning op kavel 2 zoals deze is gebouwd en opgeleverd nog net voor de Bouwvak. Berekeningen Met Vabi Elements Warmteverlies software, maak je een warmteverliesberekening (ook wel transmissieberekening genoemd) volgens de te hanteren Norm NEN-EN 12831 en de van toepassing zijnde ISSO-publicaties 51, 53 en 57. Zo bepaal dus je het te installeren verwarmings- of installatievermogen volgens de gestelde eisen. Input Een warmteverliesberekening is verplicht voor een Woningborg-certificaat. Vabi wordt in 90% van de bestekken voorgeschreven. De bouwkundige gegevens, de wensen voor warmwater en de ventilatiebalansberekening bepalen hoe het installatieconcept eruit gaat zien. Maar er is voor de bouw ook een Energieprestatie- en Milieuprestatieberekening nodig. EPC De berekeningen zijn opgesteld geheel conform NEN 7120 (zie verwijzing Bouwbesluit 2012). Fase 1 van het plan is nog uitgevoerd met gas, maar de woningen van Fase 2 – nu in ontwikkeling – moeten gasloos worden. De Energie Prestatie Coëfficiënt van deze koopwoningen mocht bij aanvraag maximaal 0,4 bedragen. Warmteverliesberekening Met een hiervoor genoemde warmteverliesberekening wordt het verwarmingsvermogen bepaald dat nodig is om de ruimtetemperatuur comfortabel te houden

Sneller van salderen af? Misschien wel.

Steeds vaker komt het voor: omvormers die tijdelijk in storing springen omdat de netspanning te hoog is. Hoe meer zonnepanelen er in de wijk bijkomen, hoe vaker het gaat gebeuren. Zonnepanelen zijn terecht een erg populaire investering en het salderen van opbrengst heeft hier sterke invloed op. De huidige concept wetgeving voor afschaffing van saldering zal in 2023 starten en jaarlijks afbouwen tot 2031. Het komend kabinet moet nog een besluit nemen voor de definitieve regeling. Met het afschaffen van saldering is het spanningsprobleem dat nu al is ontstaan echter niet opgelost. Bijna alle vingers wijzen naar de netbeheerders die het net moeten verbeteren om deze te voorzien van middelen om goed terug te kunnen leveren. Netbeheerders geven als reactie tips om overdag meer stroom te verbruiken door bijvoorbeeld wasjes te draaien. Het probleem zal alleen maar erger worden naarmate er meer PV-installaties geplaatst worden. Er moet wellicht anders gedacht worden. Zolang salderen van toepassing is zullen thuisaccu’s slechte investeringen blijven; je slaat immers stroom op die voor net zoveel terug verkocht kan worden, terugverdientijd is oneindig. Naarmate de saldering afbouwt, wordt het langzaam gunstiger. Dan zijn we echter inmiddels alweer 8 tot 10 jaar verder. Daarom moet de overheid wellicht besluiten het vanuit een andere hoek te bekijken: schaf de saldering sneller af en breidt de ISDE voorlopig uit met thuis(zon)accu’s. De thuisaccu kan op woningniveau de spanningsverschillen gaan opvangen. Op deze manier kan de consument een alternatief geboden worden, terwijl problemen op het net de komende jaren beperkt

Tastbare energietransitie

De energietransitie stelt het vakgebied voor interessante uitdagingen, zowel technisch als operationeel. Aalberts hydronic flow control participeert in DreamHûs op The Green Village. Hoe presteren haar innovaties in een bestaande woonomgeving? “Mijn grootvader heeft de meeste ondergrondse aardgasleidingen in Nederland gelegd en nu help ik ons land van het aardgas af”, zegt Jan Cnossen met een knipoog. Energietransitie zit de innovation manager van Aalberts hydronic flow control in het bloed. Hij bedenkt graag baanbrekende concepten en is nauw betrokken bij het testen van diverse technologieën in The Green Village. Technologieën die Nederlandse woningen aardgasloos helpen maken maar het hoofdgasleidingennet in tact laten. Lidewij van Trigt, projectmanager van The Green Village, is ‘heel blij’ met de deelname van Aalberts hydronic flow control. “Voor het energiesysteem van de toekomst is een mix van oplossingen nodig. Die kun je wel verzinnen, maar moet je ook testen.” Aalberts hydronic flow control is in dat opzicht een veelzijdig partner. “Het is een innovatief bedrijf met veel interessante dingen om te testen. Wij vormen een erg mooie match.” The Green Village en DreamHûs The Green Village is een fieldlab voor duurzame innovatie op Technische Universiteit Delft Campus. Hier onderzoeken en testen kennis- en onderwijsinstellingen, bedrijven, overheden, netwerkbeheerders en andere belangstellenden duurzame innovaties voor de gebouwde omgeving op wijk-, straat- en gebouwniveau. De proeftuin omvat diverse bewoonde woningen om technologieën te testen. Eén daarvan is DreamHûs, een experimenteel woonblok van drie replica woningen uit de jaren zeventig, gerealiseerd door WoonFriesland, Bouwgroep Dijkstra Draisma, The Green Village en

Veilig werken

Veilig werken moet altijd tussen de oren zitten van elke vakman en vakvrouw in de techniek. Maar wat doe je als je ergens aan het werk bent? Daar is nu een oplossing voor. Met de nieuwe gratis ArboTechniek Veiligheidsapp kan je altijd en overal checken of je veilig aan het werk bent. Een gesprek met de mensen die vanaf het eerste moment betrokken waren bij de ontwikkeling van de app. Op de meeste werkplekken geldt het mantra ‘we werken veilig, of we werken niet’. Toch moeten we, ook in de technische installatiebranche, nog regelmatig ongevallen met zwaar letsel betreuren. Precieze cijfers ontbreken helaas, maar dit zijn er naar schatting toch vele tientallen op jaarbasis. En elk ongeval is er één teveel. Informatievoorziening Daarom kan er niet genoeg aandacht zijn voor dit onderwerp. Hierbij speelt informatievoorziening een belangrijke rol, maar daarvoor moet de informatie vooral makkelijk te vinden zijn. “Voor ArboTechniek een reden om na te denken hoe we alle relevante informatie nóg beter zichtbaar kunnen maken. De oplossing was helder: een veiligheidsapp voor de techniek. Naast het feit dat de app het veiligheidsbewustzijn vergroot, biedt het ArboTechniek zelf ook belangrijke inzichten om de dienstverlening voortdurend te blijven verbeteren op het gebied van veiligheid”, aldus Theo-Jan Heesen. Hij is de programmaleider van ArboTechniek, een samenwerkingsverband van Wij Techniek en de sociale partners in de techniek. ArboTechniek biedt vakmensen in de techniek de actuele arbocatalogi, handige toolboxen en het laatste nieuws op gebied van veilig en gezond werken. Daarnaast kunnen bedrijven de

Adsorptiewarmtepomp

Waar de cv-ketel al helemaal is uitontwikkeld, kan de warmtepomp nog grote slagen maken. In 2023 komt er een nieuw soort warmtepomp op de markt die werkt op basis van adsorptietechnologie. Fabrikant Cooll werkte meer dan tien jaar aan de ontwikkeling ervan. IZ sprak met CEO Stefan van Uffelen (zie foto). Het begon allemaal in 2003. De universiteit Twente kreeg een aanvraag binnen van ruimtevaartorganisatie ESA om een trillingsvrije koeler voor -270 graden Celsius te ontwikkelen, die onderhoudsvrij zou zijn en geen bewegende delen zou bevatten. De technologie die hieruit voortkwam, vormt in feite de basis van de nieuwe warmtepomp. Daarom heet het bedrijf ook Cooll. Marktkansen In eerste instantie wilden de initiatiefnemers een systeem ontwikkelen voor duurzame verwarming en koeling op basis van de adsorptietechnologie. Uit onderzoek bleek dat de koelingstoepassing markttechnisch lgezien astig was, omdat het een toepassing is voor buitenlandse markten, maar dat de verwarmingstoepassing erg interessant is. In 2009 hebben Johannes Burger, Stefan van Uffelen en Robert Jan Meijer toen Cooll opgericht. Testen In 2018 is het eerste wandtoestel ontwikkeld. Deze opstelling heeft inmiddels twee winters het eigen hoofdkantoor verwarmd. In de winter van 2020- 2021 is voor het eerst een woning in Uden verwarmd met een stand alone opstelling inclusief meetapparatuur en veiligheidssystemen. Momenteel bouwt het team van Cooll aan de versie van de warmtepomp zoals die in een eerste beperkte oplage in 2022 op de markt komt. Deze wordt komende winter in een aantal woningen getest. Impact maken De warmtepomp werkt op basis van